1 Zingt een nieuw lied ter ere van Jahweh, Want wonderen heeft Hij gewrocht; Zijn rechterhand heeft Hem geholpen, Zijn heilige arm Hem gesteund.
2 Jahweh heeft zijn redding doen zien, Voor het oog der volken zijn goedheid getoond;
3Hij was zijn liefde voor Jakob indachtig, En zijn trouw aan Israëls huis. Ziet nu, alle grenzen der aarde, De redding, door God ons gebracht!
4 Jubelt voor Jahweh, heel de aarde, Juicht, weest vrolijk en zingt;
5 Speelt op de citer voor Jahweh, Op citer en harp,
6 Op trompet en bazuin: Jubelt voor Jahweh, den Koning!